Steensoorten zijn overal om ons heen, van de keien in een rivier tot de marmeren vloer in een gebouw. Toch weten de meeste mensen weinig over hoe die stenen zijn ontstaan en wat ze zo bijzonder maakt. De aarde heeft miljarden jaren gewerkt aan het vormen van gesteenten, en elk type vertelt een eigen verhaal. Of je nu een steen opraap tijdens een wandeling of bewondert in een museum, er zit altijd meer achter dan je op het eerste gezicht ziet.
Hoe gesteenten worden ingedeeld
Gesteenten worden verdeeld in drie grote groepen op basis van de manier waarop ze zijn ontstaan. De eerste groep zijn stollingsgesteenten, ook wel magmatische gesteenten genoemd. Die ontstaan wanneer vloeibaar gesteente, magma genaamd, afkoelt en hard wordt. Graniet is een goed voorbeeld: het koelt langzaam af diep onder de grond, waardoor je grote kristallen kunt zien. De tweede groep zijn sedimentaire gesteenten. Die vormen zich wanneer kleine deeltjes zoals zand, klei of schelpen zich ophopen en door druk samenklonteren. Zandsteen en kalksteen horen tot deze groep. De derde groep zijn metamorfe gesteenten. Die zijn ontstaan doordat bestaande gesteenten onder grote druk of hitte van vorm veranderden. Marmer is een metamorf gesteente dat oorspronkelijk kalksteen was.
Bekende soorten en hun kenmerken
Graniet is een van de meest gebruikte bouwmaterialen ter wereld. Het is hard, slijtvast en bestand tegen weersinvloeden, waardoor het veel gebruikt wordt voor gevels, keukenwerkbladen en graafstenen. Kalksteen heeft een heel andere structuur: het is zachter en bevat vaak fossielen van oude zeedieren. In Nederland zijn veel historische gebouwen gemaakt van Naamse steen, een type kalksteen uit België. Leisteen is een metamorf gesteente dat in dunne lagen splijt en vroeger veel gebruikt werd voor dakbedekking. Basalt, een vulkanisch gesteente, is herkenbaar aan zijn donkere kleur en fijne structuur. Je ziet het veel terug in dijken en wegen in Nederland, omdat het zo sterk is.
Mineralen en edelstenen binnen gesteenten
Gesteenten bestaan uit mineralen, en sommige van die mineralen zijn zeldzaam en waardevol. Kwarts is een van de meest voorkomende mineralen op aarde en zit in veel gesteentesoorten. Veldspaat is een ander veelvoorkomend mineraal en geeft graniet zijn karakteristieke roze of witte kleur. Edelstenen zoals robijn, smaragd en saffier zijn eveneens mineralen, maar ze zijn zeldzamer en hebben een bijzondere kleur of glans. Diamant is de hardste stof die in de natuur voorkomt en bestaat puur uit koolstof dat onder enorme druk is gevormd. Niet alle stenen die glinsteren zijn edelstenen: pyriet wordt ook wel “dwazen goud” genoemd omdat het geel glimt, maar nauwelijks waarde heeft. Het verschil tussen gewone mineralen en edelstenen zit in hun zeldzaamheid, hardheid en schoonheid.
Stenen herkennen in de praktijk
Stenen herkennen is een vaardigheid die je kunt leren door goed te kijken en te voelen. De kleur geeft een eerste aanwijzing, maar die kan misleidend zijn. Hardheid is een betrouwbaardere eigenschap: een mineraal krast het andere als het harder is. Geoloog Friedrich Mohs maakte daarvoor een schaal van 1 tot 10, waarbij talk het zachtste is en diamant het hardste. Ook de manier waarop een steen breekt, de glans en het soortelijk gewicht helpen bij de herkenning. Tegenwoordig zijn er ook apps waarmee je met een foto een steen kunt determineren. Die apps vergelijken je foto met een grote database en geven een suggestie. Ze zijn handig voor beginners, maar een getraind oog is nog altijd het meest betrouwbaar. Kinderen en volwassenen kunnen het herkennen van gesteenten leren door te verzamelen en te vergelijken, gewoon buiten in de natuur.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een steen en een mineraal?
Een mineraal is een zuivere, natuurlijke stof met een vaste chemische samenstelling, zoals kwarts of veldspaat. Een steen of gesteente bestaat meestal uit een combinatie van meerdere mineralen die samen zijn gegroeid of samengepakt. Graniet is bijvoorbeeld opgebouwd uit kwarts, veldspaat en mica.
Hoe kun je thuis een steen herkennen?
Thuis een steen herkennen doe je door te letten op kleur, glans, hardheid en structuur. Je kunt de hardheid testen door de steen tegen een stuk glas te houden: krast hij het glas, dan is hij harder dan glas. Een vergrootglas helpt om de korrelgrootte en de aanwezige mineralen beter te zien. Vergelijk je bevindingen daarna met een gids of een herkenningstabel.
Waarom zijn sommige stenen zo veel zeldzamer dan andere?
Zeldzame gesteenten en mineralen vormen zich alleen onder heel specifieke omstandigheden, zoals extreme druk, hoge temperaturen of bijzondere chemische processen diep in de aarde. Hoe zeldzamer die omstandigheden zijn, hoe minder vaak het gesteente voorkomt. Diamant heeft bijvoorbeeld enorme druk nodig op grote diepte, wat het zowel zeldzaam als waardevol maakt.
Welke steensoort is het hardst?
De hardste steensoort is diamant. Op de schaal van Mohs scoort diamant een 10, het maximale getal. Diamant is zo hard dat het vrijwel alleen door een andere diamant te krassen is. In de industrie wordt diamant gebruikt om andere materialen te snijden en te slijpen.